Peter Vercaemst: Wedstrijd om duurzaamheid aan te wakkeren

Zou het niet leuk zijn om te weten welke Kempense gemeente het meest duurzaam is? Dat was het uitgangspunt van een van de acht Vuurtorenprojecten. Dat legt zich toe op een duurzaamheidscompetitie. De duurzaamheidswedloop tussen verschillende overheidsinstanties bleek bij nader inzien praktisch moeilijk haalbaar, maar het wedstrijdelement wordt nu op een andere manier ontwikkeld. Peter Vercaemst geeft tekst en uitleg.

Een van de deelnemers van het eerste uur aan de Koplopersbijeenkomsten is Peter Vercaemst. Bij de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) is hij unit manager ‘transitie energie en milieu’, maar in feite doet hij in eigen naam mee. “Ik heb me ingeschreven uit persoonlijke interesse”, verklaart Peter Vercaemst. “Bij VITO ben ik professioneel volop met duurzaamheid bezig. Ik vond dat het niet een herhaling van mijn werk mocht worden. Aan Koplopers is het net interessant dat het een heel verscheiden club is van personen met uiteenlopende achtergronden. Elk kijkt op zijn eigen manier tegen duurzaamheid aan. Het zijn allen professionals uit verscheiden terreinen zoals economie, de sociale sector of zelfs toerisme.”
“De eerste vergadering ging vooral over duurzaamheid en transitieprocessen, met een debat over de verschillende thema’s die daaronder kunnen vallen. In latere bijeenkomsten probeerden we de verschillende Vuurtorenprojecten te definiëren. We kwamen zo tot acht verschillende projecten. Het interessante is dat het om een bijzonder divers palet van initiatieven gaat.”
Peter Vercaemst is zelf ingeschakeld in de Vuurtorengroep die zich op een duurzaamheidscompetitie toelegt. “We denken nu na over een herbenoeming van de groep. Het doel is in ieder geval om een aantal activiteiten of projecten rond duurzaamheid te bekronen met een publicatie of award. Dat kan een meerwaarde betekenen, omdat het inspirerend kan werken voor andere initiatiefnemers.”
De oorspronkelijke bedoeling van dit Vuurtorenproject was anders. Overheden zouden tegen elkaar strijden op het vlak van duurzaamheid. “Welk is de meest duurzame gemeente, inderdaad. Ik ben zelf geen Kempenaar, maar ik heb al wel begrepen dat dit een interessante strijd op zou kunnen leveren tussen enkele gemeentes en steden die graag tegen elkaar concurreren. De vraag wie de echte Kempense hoofdstad is, lijkt nogal wat steden te beroeren. Maar uiteindelijk is dat praktisch niet zo haalbaar. Want hoe meet je duurzaamheid? Welke verschillende factoren moet je dan allemaal in rekening brengen? Het zijn er in feite te veel om tegen elkaar af te wegen. Die piste hebben we daarom dan maar verlaten.”

 

Eerste project

Niettemin blijft er iets van het wedstrijdelement bewaard, maar dat wordt nu op andere terreinen gezocht. “De award die we willen uitreiken, is puur op de Kempen gericht. De bedoeling is dat enkele organisaties de handen ineenslaan om een duurzaamheidsproject uit te werken. De denkrichting gaat nu vooral naar samenwerkingsverbanden tussen bedrijven, scholen of natuurverenigingen. Denk maar aan milieucharters of de aanpak van de afvalproblematiek.”
Maar zijn bedrijven en scholen nu dan al niet volop bezig met projecten rond afval en milieu? “Ja, de Koplopers zijn helemaal niet de enigen die met duurzaamheid bezig zijn, die pretentie hebben we ook niet. Maar we kunnen misschien wel een grotere beweging in gang zetten om daar rond te werken. We willen juist proberen om verschillende mensen bij elkaar te brengen die normaal gezien niet samenwerken, of alleszins niet rond deze thematiek.”
“Ons Vuurtorenproject is in ieder geval het meest concrete van de acht. Het is de bedoeling dat we rond de paasvakantie van 2010 een oproep lanceren om deelnemers te zoeken. We mikken daar in eerste instantie vooral op scholen, bedrijven en jeugdverenigingen. Het is duidelijk de intentie om met onze competitie nieuwe initiatieven te belonen, geen bestaande zaken die al een tijdje in de scholen of bedrijven lopen. Precies ligt het nog niet vast. We denken aan een startevenement om onze wedstrijd bekend te maken. Tegelijk willen we met het hele Koplopersgebeuren naar buiten treden. Onze duurzaamheidscompetitie moet de trigger vormen om ook de andere Vuurtorenprojecten degelijk te lanceren.”

Boeiende invalshoeken

“De werking rond stilte vInd ik zelf een verrassend thema. Ik ben afkomstig van Kortrijk en voor mij is de Kempen inderdaad de ‘stille Kempen’. Ik kijk er wel van op dat stilte nu tot een Vuurtorenproject wordt uitgebouwd. Je kan je afvragen of je die naam ‘stille Kempen’ niet net moet proberen kwijt te raken. Die precies uitspelen, is zeker een originele aanpak, want eigenlijk klinkt het niet onlogisch. Het is te combineren met duurzaam toerisme, maar ook met duurzame producten. Neem bijvoorbeeld de provincie Limburg die ernaar streeft om CO2-vrij te worden, maar tegelijk wel inzet op de logistieke poort. Dat is een interessante combinatie.
“Een ander Vuurtorenproject dat mijn interesse wegdraagt en aansluit bij het werk dat onder andere VITO doet, is het duurzaam gebruik van grondstoffen. Hoe kan de Kempen als grondstoffenleverancier het verschil maken? De Kempen heeft zeker enkele unieke elementen. Denk maar aan de zandwinning, maar tegelijk ook aan de opslag van nucleair afval. Wat doet dat met de bodem? Dat project moet daarover nadenken.”
Peter Vercaemst is zelf gecharmeerd door de verscheidenheid aan ideeën en projecten die binnen de Koplopers naar boven borrelen. Kan dat ook niet precies een struikelblok vormen? “Dat is een goede opmerking. Het is duidelijk dat niet alle partners aan alle elementen een boodschap hebben. Een van de meest verrassende en misschien meest interessante Vuurtorenprojecten loopt rond stilte in de Kempen, maar het mag duidelijk zijn dat heel wat sectoren daar weinig boodschap aan hebben. Het gevaar bestaat dat ieder vanuit zijn eigen standpunt praat en we zo naast elkaar gaan debatteren. Dat is volgens mij ook de reden waarom een aantal projectdeelnemers van het begin intussen afgehaakt hebben. Hun plaats is intussen wel ingevuld door nieuwe deelnemers die uit eigen initiatief op het project af zijn gekomen, maar van de verwachte exponentiële toename van deelnemers is vooralsnog geen sprake. Misschien is het ook nog wat vroeg en moeten we de grote start met onze wedstrijd wat afwachten. Niettemin blijft het meest waardevolle van het Koplopersproject dat alles van onderuit gebeurt. En stilaan krijgen de verschillende projecten natuurlijk toch wel vorm.”


© Vormingplus Kempen 2007-2010 Contact Graatakker 4, 2300 Turnhout.  Bel 014 41 15 65 of mail info@vormingpluskempen.be